De 7 in de klok

“Psssttt… Mama? Mama? Ben je wakker? Kijk eens hoe laat het is?”

Fel licht flitst voor mijn ogen langs. Ik probeer te bedenken wat het is. En wie denkt mij op dit tijdstip wakker te moeten maken.

“Mama? Kijk nou eens. Mama? Ik hou de wekker voor je hoofd. Moet je eens kijken?”

Het licht komt dus bij de wekker vandaan. Ik probeer te zien wat er op staat. Dat is best moeilijk als je ogen nog dicht zitten van de slaap en het licht feller lijkt dan dat van een zaklantaarn.

“Moet je eens kijken Mama. Kijk dan eens. De 7 zit nog niet eens in de klok. Toch?”

De 7 in de klok. Dat is onze regel in het weekend. De 7 aan de voorkant van de tijd. Anders is het nog te vroeg. Ik spot in alle vroegte een 5 aan de voorkant.

“Vin. Er staat geen 7, er staat een 5. Het is nog tijd om te slapen. Ga naar je bed alsjeblieft.”

Gestommel op de gang. Ik val weer bijna in slaap. De wekker valt met een klap op de grond. Dan een luide roep vanaf de andere kant van de gang.

“Gelukkig hè Mama? Dat ik het even aan je heb gevraagd. Want anders waren Papa en Lyla nu ook wakker!”