School

“Mama, ga ik alweer een keertje naar school?” Vraag Vinnie. “Ja schat, de vakantie is bijna over, dus we gaan bijna weer.” Antwoord ik. “Maar mama, is jouw vakantie dan ook over?” Is mijn ventje benieuwd. “Nou schatje, mama heeft geen vakantie gehad. Mama moest toch gewoon werken?” Leg ik uit. “Werken? Jij? Maar je hebt toch niet gewerkt?” Gelukkig, Vinnie heeft me tijdens de vakantie blijkbaar weinig gemist. Als ik uitleg dat ik ongeveer 4 dagen in de week werk knikt hij alsof hij het helemaal snapt.

Diezelfde middag kijkt hij een beetje verdrietig voor zich uit. “Wat is er Vin?” Wil ik weten. “Ik vind het zo zielig voor jou mama, dat jij geen vakantie had. En ik wel.” “Ach Vin, maar dat geeft toch niet, dat ik geen vakantie had. Ik vind dat niet erg hoor, ik vind mijn werk heel leuk. Dus wees maar niet verdrietig. Goed?” Vinnie knikt.

’s Avonds, als hij naar bed gaat hij er nog even op door. “Mama, ik vind het ook niet erg dat ik alweer bijna naar school moet. Want ik vind het ook heel leuk. We hadden met de BSO op mijn schoolplein gespeeld. En toen zei ik tegen de juf dat dat mijn school was, en dat ik het daar heel leuk vind. En toen zei de juf ‘gelukkig maar Vinnie’. En toen mochten we er de hele middag spelen. Fijn hè mama?” “Ja hoor vent, heel fijn. En nu lekker slapen. Doei!” Sus ik de kleine grote man in slaap.

Als ik ’s avonds nog een keertje ga kijken ligt hij met een grote glimlach te slapen. Hij droomt vast over school. Fijn. Nog 1 weekje. En dat is ook wel heel erg fijn. Nog even 1 weekje genieten van een semi-vakantie waarbij ik niemand hoef weg te brengen ‘s ochtends vroeg. Ik geniet er nog even van!