Gele boterbriefjes op de BR´s O

“Mama? Ga ik straks weer naar de BR’s O?” Ik moest gisterochtend even diep nadenken toen Vinnie me dit vroeg. Br’s O? Wat is een BR’s O? “Je weet wel mama, met die vlaggen en tekeningen. Op het raam.”  Ik denk, ik denk, ik denk.

En dan gaat me een lichtje branden. “Bedoel je BSO Vin?” vraag ik hem. “Ja! Die!” zegt hij blij. “Dat bedoel ik!” Sinds een week of drie gaat hij niet meer naar de crèche, maar naar de BSO. Ik vond BSO vroeger in mijn basisschooltijd een gruwelwoord, maar ik denk ook dat de BSO van nu en van toen niet met elkaar vergeleken kunnen worden. Ik weet niet eens zeker of het toen al in de huidige vorm bestond. BSO staat natuurlijk voor Buitenschoolse opvang. Best gek, dat het Buitenschools heet, want veel BSO’s zijn juist in de school gevestigd. Maar die van Vinnie niet. Die gaat lekker met de bakfiets van de BSO naar de BSO toe. Met 5 andere kids in een bakfiets, wat een feest! Het moet wel loodzwaar zijn voor de heen-en-weer-breng-chauffeur, 6 van die kids in de bak. En van die 6 is Vinnie ook nog de kleinste, dus je kunt je voorstellen wat voor gewicht er in die bak zit.

Maar goed, terug naar vroeger. Heel soms ging ik naar de overblijf, tegenwoordig heet dan TSO. Op de overblijf moest je een bonnetje inleveren. Een geel bonnetje. Die had je moeder dan gekocht na schooltijd, op dinsdag. En alleen op dinsdag kon ze dat kopen, want anders was de overblijfmoeder niet aanwezig. Als je moeder dan was vergeten zo’n bonnetje te kopen, dan was dat wel een beetje lastig. Natuurlijk lieten ze je niet buiten de klas staan, maar leuk was anders. En als je moeder wel zo’n bonnetje had gekocht, dan zat die in je broodtrommel verstopt. Zodat je hem niet kwijt kon raken tussendoor. Dus dan legde je een geel, met boter en hagelslag beplakt, bonnetje in de schaal en dan wist de overblijfmoeder dat je legaal binnen was.

De overblijf moeder was de moeder van Maarten. Els, heette ze. Ik vond Els lief. Maar dat kwam waarschijnlijk omdat ik bijna nooit bij Els hoefde te blijven. Dus Els was een uitzondering, en uitzonderingen zijn altijd leuk.

Gelukkig worden BSO, TSO, NSO en VSO uren rechtstreeks gefactureerd, zodat je niet in de rij hoeft te staan met je gele boterbonnetje. En je moeder het ook niet kan vergeten. Weer iets minder om te onthouden. Pfieuw!